Sommige gasten noemen het ook wel ‘de mooiste plek van Nederland’: paviljoen De Walvis, gelegen op het Waddeneiland Terschelling. Het hele jaar door kan men hier terecht om lekker te eten en te drinken. Met dank aan een riante overkapping op het buitenterras.
De geschiedenis van paviljoen De Walvis voert terug naar 1967, toen Guus en Gonda van Dieren vanuit een oude bouwkeet koffie, thee en cranberrygebakjes verkochten. Inmiddels, bijna zestig jaar later, staat er een paviljoen met riante veranda’s en terrassen. Het is gelegen op het zuidelijke strand van Terschelling, dat uitkijkt op Vlieland en Friesland.
“Je kunt hier de zon onder zien gaan”, vertelt mede-eigenaar John Bijlsma, die trouwde met de dochter van de twee oprichters van De Walvis. Samen met zijn vrouw Neeke en dochter Marleen, die de dagelijkse leiding heeft, is hij eigenaar. Met gepaste trots. “Alle bootjes die van en naar Terschelling vertrekken, komen bij ons langs”, schetst hij. “Dat blijft een fantastisch mooi gezicht.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
Een horecazaak op een eiland blijft een magische combinatie, vindt Bijlsma. Onder zijn klandizie veelal dagjesmensen en toeristen. “Een eiland heeft iets”, vindt Bijlsma, die al vijftig jaar op Terschelling woont. “De mensen laten de sores even achter zich zodra ze op de boot stappen. Dat is het mooie van zo’n eiland. Het is hier een oase van rust. Ik wil hier nooit meer weg.”
Bijlsma (68) is al een heel arbeidsleven betrokken bij De Walvis, dat het hele jaar geopend is als dagzaak. Op de menukaart staan soepen, tosti’s, lekkere borrelhapjes en - uiteraard - vis- en vleesgerechten. In de wintermaanden zijn dranken als warme chocolademelk, speciale koffies en mooie speciaalbieren populair. Ze vinden gretig aftrek bij een breed publiek. “Van nul tot honderd komt hier”, lacht Bijlsma. “We hebben de sfeer van een grand café, inclusief een mooi buitenterras.”
In het laatste jaar van de coronaperiode, 2022, besloot De Walvis grondig te verbouwen. Met als voornaamste doel opwaardering van het buitenterras. “Als het hier waait, dan waait het hier ook meteen heel hard”, weet Bijlsma intussen. “Voorheen hadden we parasols en doeken ophangen, maar dat kon niet meer. Alles stond rechtop. Gasten gingen ook continu verplaatsen vanwege de wind. Het werd een grote wanorde. Daar wilden we graag van af.”
*Tekst gaat verder onder de foto's.
Bijlsma & Co gingen op onderzoek uit, waarbij ze uitkwamen bij de overkappingen van Palmo, dé expert op het gebied van horeca-exterieur. “Zij kwamen het beste uit de bus”, herinnert Bijlsma. “Vooral ook door de nazorg, wat ik erg belangrijk vind als horecaondernemer.”
Er kwam een overkapping die plaats biedt aan ruim honderd gasten, zowel in de winter als in de zomer. De overkapping is er voor alle weersomstandigheden: regen, wind, kou en ook een felle zon. In de wintermaanden wordt het terras verwarmd met handige infraroodpanelen. “Het werkt sfeerverhogend”, ziet Bijlsma. “Mensen hebben toch het gevoel dat ze buiten zitten, terwijl ze de beschutting van een serre hebben. Dit maakt ons paviljoen helemaal af.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
De Walvis, dat in totaal ongeveer driehonderd gasten kwijt kan, plukt er de vruchten van, want ook de omzet steeg flink nadat de overkapping een feit was. Het motiveerde de paviljoenhouder om binnenkort ook een klein stukje zijterras te laten overkappen, waardoor er nog eens 25 overdekte zitplaatsen bij komen. “Zo maken we er één geheel van”, vindt Bijlsma. Met andere woorden: De Walvis is klaar voor 2027, als het paviljoen zestig jaar bestaat!
*Tekst gaat verder onder de foto's.