Vol goede moed betrad ik samen met Nenna (5 jaar) de lommerrijk gelegen horecazaak. We wilden iets drinken. Het was een mooie, maar geen geweldig zonnige dag en het terras was half gevuld met gasten. Aan de buitenzijde zag het er goed uit: het terras was net geveegd en het pand stond strak in de lak.
Geen medewerker te zien
Kleine Nenna had haar zinnen gezet op chocolademelk en ik had trek in koffie. We liepen onze eerste tegenvaller tegemoet aan de rand van het terras: geen medewerker te bekennen. Bij nadere inspectie bleken er gelukkig toch medewerkers aanwezig. Ze stonden in de hoek van het terras bij het meubel vol vieze borden. Drie pubers druk in conclaaf.
Ik nam aan dat ze samen de strategie doorspraken over hoe zij hun gasten die dag het beste in de spreekwoordelijke watten konden gaan leggen en hoe zij als team een excellente gastervaring zouden gaan bewerkstelligen.
Intussen vroeg ik mij dorstig af of we zelf een plekje mochten gaan uitzoeken of moesten blijven wachten. Na enige minuten werd Nenna wat ongeduldig. Een terugkerend thema tijdens dit bezoek, zo zou later blijken. Met ouderlijke goedkeuring verkende zij daarom vast de speeltuin.
Strategisch topoverleg
Na welgeteld drie minuten en 46 seconden vergeefs te hebben gewacht, zocht ik, assertief als ik ben, zelf een plaatsje uit. Vieze tafel, geen menukaart. Naast mij zat een ouder echtpaar op hete kolen klaar met jas en portemonnee, verder was het terras vooral een collectie van lege glazen en vuil servies.
Het strategische topoverleg in de hoek van het terras, vol inmiddels behoorlijk dorstige gasten, werd heel langzaam afgerond en exact 12 minuten en 23 seconden na de entree sprak de eerste medewerker de woorden: 'Hi! Kan ik u ergens mee helpen?' Ik had mijn bestelling (koffie en chocolademelk) al bij binnenkomst paraat, dus kon direct antwoorden.