Gijsbregt Brouwer: Neo-hotel-restaurants

Nog nooit werd er zo veel geschreven en gesproken over horeca als nu. Gijsbregt Brouwer pikt er elke maand iets uit, zodat jij als horecaprofessional een hapje mee kan prikken. Het wordt steeds duidelijker dat corona bepaalde trends versnelt, dus heeft hij het deze keer over de neo-hotel-restaurants. Is er nog wel plek voor een restaurant in een hotel?

What’s cooking?

We zien een nieuw type hotel-restaurant ontstaan: buurtgerichte zaken, met ondernemers, chefs en leveranciers uit de omgeving. Betaalbare en open concepten. Toegankelijk voor meer dan alleen de zakenreiziger of toerist die in het hotel nestelt. Doel van deze zaken is ook nadrukkelijk: de wijk een plek bieden. Door de coronaleegstand in hotels is deze laatste functie nog belangrijker geworden.

Hoe zit de vork in de steel?

Het hotel-restaurant is vaak een aangeklede ontbijtzaal of een sterrenvehikel; marketing voor een de-luxe-hotel. Die vierkante meters voor restaurant(s) en ontbijt werden tot recent gebruikt voor internationale standaardconcepten. Maar vastgoed (zeker in grote steden) is duur.  Dus verandert het hotel en zien we hotels zonder ontbijtzaal met alleen een koffiebar (zoals Unplugged), hotels met een gecombineerde algemene ruimte voor eten, werken en entertainment (zoals BUNK in Amsterdam en Utrecht) en hotels die  mensen de wijk insturen (zoals Supernova).  Ook zien we een klein clubje hotels dat nog een stap verder gaat: zij richten zaken in met een ziel, verbonden aan de buurt, neo-hotel-restaurants zoals The Lobby bij Hotel V, het Slagerij de Beurs bij Eden Hotel of Bizar Bazar in Arnhem in het gelijknamige hotel.

Wie staan er achter de potten en pannen?

Elk hotel met veel vierkante meters voor food & beverage kan deze slimmer en lokaler inzetten. Vaak zien we lokale operators die dat als eerste oppakken. Ook de eigenaren van het vastgoed beginnen zich ermee te bemoeien, zij willen meer rendement op de dure stedelijke vierkante meters. Daarbij zien we lokale – vaak creatieve - ondernemers die aanhaken. Zij gaan de zaak runnen, maar  kunnen ook als creatieve partij voor een aanpalende winkel zorgen, de (bloem) decoratie doen (zoals Wunderkammer in Hotel de l’Europe) of het personeel aankleden. Lokale leveranciers zijn eveneens gebaat bij het buurtmodel: zij omzeilen zo vaak de  (inter)nationale inkoopafspraken van de hotelketens. En dat is allemaal goed voor de vastgoedeigenaar, die ziet vaak prima rendement op hotelkamers, maar niet op algemene ruimten.

Een hapje mee prikken?

Als ondernemer liggen er kansen om met hotels samen te werken: van bierleveranciers en chefs met een gek plan voor een pop-up tot ondernemers met plannen voor een stadse dark kitchen, er is letterlijk ruimte die onvoldoende benut wordt in de hotels. Net als na de crisis van 2007/8 volgen er kansen voor samenwerking  en nieuwe concepten. Ondernemers en hoteliers: grijp die kans!

Gijsbregt Brouwer is oprichter van de Buik en food trendwatcher. Hij helpt bedrijven inde drukke wereld van f&b en hospitality met  een eigen onderscheidend verhaal. Gijsbregt schreef samen met Wouter Verkerk het boek ‘Horeca na corona’, dat 1 juni is verschenen. 

Reacties

Reactie toevoegen