Vincent van Dijk over horeca-design: ‘Vergeet het perfecte plaatje’
Hospitality-design draaide de afgelopen jaren vooral om wat goed werkt op beeld. Maar nu vrijwel ieder interieur fotogeniek kan zijn, verschuift volgens trendforecaster Vincent van Dijk de aandacht naar wat je níét op Instagram ziet: akoestiek, tactiliteit, geur, comfort en sfeer. “Het onfotografeerbare is de nieuwe luxe.”
Openingsfoto: REM Amsterdam
Foto's: o.a. Martens Multimedia
Uitgesproken interieurs
Er was een tijd dat iedere horecazaak één plek nodig leek te hebben waar je met je telefoon naartoe moest. Een neonquote. Een bloemenwand. Een spectaculair toilet. Het interieur was niet alleen bedoeld voor de gast die er zat, maar minstens zozeer voor diens volgers.
Dat tijdperk heeft een herkenbare beeldtaal opgeleverd. Interieurs werden uitgesprokener, fotogenieker en steeds bewuster onderdeel van het merk. Maar wat ooit onderscheidend was, is inmiddels overal te zien. Dezelfde ronde banken, natuursteen, zachte aardetinten en designlampen duiken op. Mooi? Zeker. Verrassend? Steeds minder.
Meer zintuigen prikkelen
Misschien is dat waarom hospitality-design een interessante nieuwe fase ingaat. Als alles er fantastisch uit kan zien, zit het onderscheid niet langer alleen in wat je ziet. Het interessante verschuift van wat je kunt fotograferen naar wat je moet ervaren. Dat begint bij iets simpels als comfort. De mooiste stoel van het restaurant is waardeloos als je er na anderhalf uur vanaf wilt. En die spectaculaire ruimte met harde vloeren, glazen wanden en een hoog plafond verliest snel zijn aantrekkingskracht als je tijdens het hoofdgerecht tegenover elkaar zit te schreeuwen. We hebben lang vooral met onze ogen ontworpen. Nu krijgen ook oren, handen en neus een stem.
Akoestiek, tactiliteit, geur en licht worden daarmee geen technische details die na het creatieve ontwerp nog even opgelost moeten worden. Ze zíjn het ontwerp. Gordijnen zijn niet alleen mooi, maar dempen geluid. Hout voelt anders dan composiet. Een open vuur doet meer dan eten bereiden. En goed licht verandert gedurende de avond.
Tegelijk wordt de route door een zaak belangrijker. Waar valt je blik op wanneer je binnenkomt? Zie je meteen de hele ruimte of wordt die langzaam onthuld? Loop je langs de keuken? Waar vindt de ontvangst plaats? Wat gebeurt er aan tafel? Het interieur wordt bijna scenografie en de gast beweegt door een zorgvuldig geregisseerd verhaal.
*De tekst gaat verder onder de foto van het rauwe interieur van hotel en restaurant Chesa Marcetta in Sils Maria (Zwitserland)
Lokaal en eigen
Ook het design van hotels verandert. Jarenlang was herkenbaarheid een kwaliteit: dezelfde materialen, hetzelfde comfort en dezelfde visuele taal gaven de reiziger overal ter wereld zekerheid. Maar juist nu inspiratie wereldwijd beschikbaar is en beeldtaal razendsnel wordt gekopieerd, krijgt het lokale en eigene meer waarde. De nieuwe generatie hotels hoeft niet meer te roepen: kijk eens hoe internationaal wij zijn. Ze willen juist bewijzen dat ze nergens anders hadden kunnen staan.
Dat zie je terug in lokale materialen en makers, kunst uit de omgeving, bestaande architectuur en historische details die niet worden gladgestreken. ‘Sense of place’ klinkt als marketingtaal, maar raakt wel aan iets wezenlijks: in een wereld waarin alles kopieerbaar wordt, is plaats misschien wel het moeilijkst te kopiëren ingrediënt.
*De tekst gaat verder onder de foto's van HAKA Urban Bistro in Rotterdam. Historische elementen van het monumentale pand zijn behouden
Sijtage, ouderdom en gebreken
Daarom is er veel interesse in het hergebruik van oude gebouwen. Een kras, oude balk of vreemde plattegrond hoeft geen probleem te zijn dat de ontwerper moet wegwerken. Het kan juist de identiteit opleveren waar een volledig nieuw interieur jarenlang naar zoekt. Hergebruik wordt zo niet alleen een duurzaamheidskeuze, maar een esthetische.
En misschien is dat wel de interessantste paradox van dit moment. Hoe perfecter onze digitale wereld wordt, hoe aantrekkelijker imperfectie in de echte wereld kan worden. De imperfectie van het leven omarmen, inclusief slijtage, ouderdom en gebreken. Wabi-sabi. AI kan in enkele seconden een beeld produceren van een hotelbar waarin iedere stoel goed staat, ieder oppervlak glanst en het licht precies op het juiste moment van de dag binnenvalt. Maar juist daardoor krijgen dingen die aantoonbaar door mensen zijn gemaakt meer betekenis. Handgemaakt keramiek. Een meubel waarvan je de verbindingen ziet. Pleisterwerk dat niet overal exact gelijk is. Een tafelblad dat mooier wordt naarmate er meer mensen aan hebben gezeten.
*De tekst gaat verder onder de foto van restaurant Yale in Nizjni Novgorod (Rusland). Dit restaurant huist in een gerestaureerd 19e-eeuws historisch landhuis.
Eén ruimte, meerdere functies
Ook de functie van hospitalityruimtes verandert. Ruimtes worden steeds minder voor één functie ontworpen. Een hotellobby die alleen dient als doorgang van voordeur naar lift voelt al snel als verspilde vierkante meters. Lobby, restaurant, bar, werkplek en huiskamer schuiven in elkaar. Overdag laptop en koffie, ’s avonds cocktails en muziek. En idealiter zijn het niet alleen hotelgasten die er willen zijn, maar ook mensen uit de buurt. Dat vraagt om interieurs die kunnen veranderen van tempo, sfeer en gebruik, zonder dat ze hun karakter verliezen.
Daarmee verandert ook de maatstaf voor goed hospitality-design. Natuurlijk moet een nieuwe zaak nog steeds aantrekkelijk zijn op beeld, maar de echte kwaliteit laat zich steeds moeilijker in één beeld vangen. Ze zit in hoe een ruimte zich gedurende een avond ontvouwt, hoe vanzelfsprekend verschillende functies naast elkaar bestaan en hoe materialen mooier worden door gebruik. In het verschil tussen binnenkomen en blijven hangen. In een hotel dat niet alleen vertelt bij welk merk het hoort, maar vooral waar ter wereld je bent. Juist die kwaliteiten zijn lastig in een render of moodboard te bewijzen. Je merkt ze pas als je er bent.
We hebben jarenlang hospitality ontworpen die gasten wilden fotograferen. Misschien wordt het nu tijd voor plekken waar ze hun telefoon vergeten. Het onfotografeerbare wordt de nieuwe luxe.
*De tekst gaat onder de foto's van REM Amsterdam verder. Deze bijzondere horecalocatie zet niet alleen in op eten en drinken, maar ook fungeert als ontmoetingsplek voor werk, cultuur en ontspanning.
Over Vincent van Dijk
Vincent van Dijk is trendforecaster op het gebied van hospitality en food. Daarnaast is hij partner van marketingbureau HBMEO en columnist van Entree Magazine.

Schrijf je gratis in voor onze nieuwsbrief en ontvang wekelijks:
- De nieuwste trends en ontwikkelingen binnen de Horeca
- Culinaire en interieur inspiratie
- Exclusieve content zoals: artikelen, interviews en ondernemersverhalen