130 jaar wegrestaurant De Lichtmis: vijf generaties gastvrijheid
Peter Huisman (48) hielp op zijn vijfde al met uitsmijters bakken voor chauffeurs en opende eind vorig jaar als vijfde generatie het nieuwe pand van wegrestaurant De Lichtmis langs de A28 bij Zwolle. Een gesprek over de lessen van eerdere generaties, het kantelpunt in 2010 met hulp van Herman den Blijker en de onvoorwaardelijke liefde voor het familiebedrijf. “Het heeft een ziel die niet te kopiëren is. Je voelt hier 130 jaar familiegeschiedenis.”
Tekst: Roy Timmerman
Foto’s: Venhuis Communicatie Producties
Voor Peter Huisman was het vorig jaar november een emotioneel moment toen het nieuwe pand van wegrestaurant De Lichtmis aan de A28 tussen Zwolle en Staphorst officieel werd geopend. Het was een prachtige dag, vertelt de 48-jarige eigenaar en vijfde generatie van het 130 jaar oude familiebedrijf. Maar tegelijkertijd was het er ook verdriet. Want naast hem stond zijn ernstig zieke vader Bertus, die een maand later net voor Kerst overleed.
“We voelden veel druk”, blikt Peter terug. “Niet van buitenaf, maar voor onszelf. Hoe langer je wacht, hoe groter de kans dat hij het niet meer zou meemaken.” Daarom werd er met man en macht gewerkt om de opening nog in november te realiseren. Dat lukte. Topkok Herman den Blijker verrichtte samen met Bertus en Peter de opening. Trots stonden ze daar, vader en zoon. Nog een keer samen in het familiebedrijf. Proostend op de toekomst, terwijl het tegelijkertijd een afscheid betekende.
Hij zucht. De afgelopen vijf jaar waren intens. Corona, een verwoestende brand in 2020, opnieuw corona, de bouw van een tijdelijk paviljoen, het plotselinge overlijden van zijn moeder, de ziekte van zijn vader en ondertussen het ontwikkelen van een compleet nieuw restaurant. “Je wordt er weerbaar van”, zegt Peter. “Ik kan inmiddels wel een stootje hebben.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
Vijf generaties gastvrijheid
De geschiedenis van De Lichtmis gaat ruim 130 jaar terug en begint bij meneer Ennik, die een kruidenierszaak bij De Lichtmis in Dedemsvaart runde. Een ontmoeting met de baron Van Dedem – die vroeg om koffie en later om een borrel – leidde tot de eerste horecavergunning. In die tijd kon dat nog ‘binnen een week geregeld worden’. Zijn dochter trouwde met Piet Huisman. Zij zetten de zaak voort, die inmiddels getransformeerd was tot een café. Daarna namen opa en oma Huisman het bedrijf over, tot het in 1975 bij Bertus Huisman (toen pas 23) en zijn vrouw Hennie (20) terechtkwam.
*Tekst gaat verder onder de archieffoto van De Lichtmis.

De Rijksstraatweg was inmiddels vervangen door de snelweg A28 en Bertus besloot zich meer op het wegverkeer te richten. Café Huisman groeide uit tot wegrestaurant De Lichtmis waar chauffeurs, vertegenwoordigers en kostgangers vaste klant waren. “Mijn ouders zijn echt het fundament van het volume van wat het nu is”, vertelt Peter. Er werd flink verbouwd in 1980 – behoorlijk modern voor die tijd – en in de jaren negentig werd opnieuw alles vernieuwd. Zijn ouders draaiden lange dagen: open vanaf vier uur ’s ochtends tot een uur ‘s nachts. “Ze kwamen elkaar soms alleen op de trap tegen”, zegt Peter. “Personeel was schaars, rentes waren hoog. Het was gewoon keihard werken.”
Opgroeien tussen de uitsmijters
Voor Peter was werken in de De Lichtmis nooit een ‘optie’, maar een vanzelfsprekendheid. Er is nooit twijfel geweest over de opvolging, lacht hij. Al op zijn vijfde hielp hij ’s ochtends, staand op een kratje, zijn opa uitsmijters te bakken voor de chauffeurs. “Hij kwam drie keer per week om half vier ’s nachts binnen, schonk koffie, maakte broodjes en reed daarna om acht uur door naar zijn eigen werk. Ik hoorde hem dan ’s nachts boven rommelen om de kassa te pakken en dan ging ik mee naar beneden.”
Op zijn twaalfde deed Peter de afwas, later tapte hij bier tijdens zaterdagavonden met livemuziek – onder anderen Arne Jansen, Dennie Christian en truckerslegende Henk Wijngaard traden regelmatig op. Na de middelbare hotelschool kwam hij in 1997, op zijn twintigste, officieel in loondienst. In de jaren daarna kreeg hij steeds meer zeggenschap, in 2010 nam hij 35% van de werkmaatschappij over en uiteindelijk werd hij in 2018 volledig eigenaar.
De overname ging geleidelijk. Hij kreeg stap voor stap de ruimte van zijn ouders. Zijn vader vond het soms lastig, maar ging er wel in mee. “Langzaam verlegde ik wat accenten. Je wilt soms vernieuwen, maar je kunt niet alles zomaar aan de kant schuiven. Er zit geschiedenis en waarde in zo’n plek.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
Kantelpunt met Herman den Blijker
Een belangrijk kantelpunt kwam in 2010, toen De Lichtmis meedeed aan het televisieprogramma ‘Herrie in de Keuken’ met Herman den Blijker, die plots met een televisiecrew voor de deur stond. Het eten was goed, de bedrijfsvoering ook, maar er waren simpelweg te weinig gasten, luidde de conclusie van de Rotterdamse (tv-)kok. Het truckersimago zat dit in de weg. Den Blijker zag kansen in een nieuwe doelgroep, meer locals en gezinnen, en kwam met een voorstel dat aanvankelijk weerstand opriep: pannenkoeken.
*Tekst gaat verder onder de foto van Peter en Bertus Huisman met Herman den Blijker in 2010.

“We waren niet direct enthousiast over dit idee”, geeft Peter toe. “We hadden een week eerder nog een pannenkoekenbuffet afgewezen.” Toch besloten ze het te proberen. De uitzending kwam eind november 2010 op tv en had een enorme impact. De omzet knalde direct omhoog en vanaf dat moment ging De Lichtmis ook op zondag open.
Tot op de dag van vandaag zijn pannenkoeken een belangrijk onderdeel van het menu, goed voor zo’n 30% van de bestellingen. Niet als apart pannenkoekenrestaurant, maar als onderdeel van een brede kaart, met onder meer kogelbiefstuk, gebakken lever, spareribs en de klassieker De Lichtmis schnitzel, die volgens Peter nooit van de kaart zal verdwijnen. “De kinderen eten pannenkoeken, de ouders eten een ribeye of spareribs. Dat werkt.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
Heropbouw na brand
Op 12 augustus 2020 sloeg het noodlot toe. Terwijl Peter met zijn vrouw en drie jongste kinderen onderweg was voor een uitje, belde zijn oudste zoon: De Lichtmis stond in brand. 80% van het pand ging verloren. De verzekeringspapieren waren verbrand, de tussenpersoon zat onbereikbaar op zee - naast de verslagenheid en het verdriet was er veel onzekerheid over de verzekeringen. Maar met hulp van de familie kwam alles op orde, indachtig het familiemotto: alles komt goed. Altijd.
Tijdelijk paviljoen
Dankzij de bedrijfsschadeverzekering werd er een tijdelijk paviljoen neergezet, midden in coronatijd. Chauffeurs bleven komen – zij mochten doorwerken – en zo bleef ook De Lichtmis overeind. Ondertussen werd aan de tekentafel gewerkt aan de toekomst. De nieuwbouw kreeg een onverwachte wending toen McDonald’s zich meldde. Die hadden interesse in de locatie. Een uitkoop wees Peter echter resoluut af. “Ik ben de vijfde generatie. Dat doe je niet.” Uiteindelijk leidde het tot een samenwerking: twee bedrijven op één locatie, met een nieuw ontwerp dat sneller door de vergunningstrajecten kwam dan het oorspronkelijke plan.
Nieuw pand, dezelfde ziel
De nieuwe De Lichtmis opende eind november 2025 en is ruim, modern én druk. Het loopt storm, zegt Peter. Tot zijn grote vreugde. Dagelijks ontvangen ze honderden gasten: chauffeurs, buurtbewoners en mensen die nu ook speciaal naar het restaurant rijden. Het restaurant heeft een uitgesproken stijl: veel banken, een bistrogevoel. “We gaan voor de gezelligheid, de tafels staan dicht op elkaar, je leert elkaar kennen.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
130 jaar familiegeschiedenis
Boven zijn zalen voor vergaderingen en feesten. Zakelijke gasten, families en grote gezelschappen – voor iedereen is er plek, zegt Peter. Wat er niet is veranderd: de sfeer. “Gasten zeggen dat het voelt alsof mijn vader hier nog altijd rondloopt.” Dat zit ‘m in kleine dingen: zo schuift hij regelmatig even met een stoel aan bij gasten, een praatje maken. Net zoals Bertus vroeger deed. Ook maakt hij nog altijd dezelfde erwtensoep als zijn vader. “Je voelt hier 130 jaar geschiedenis. Het is een familiebedrijf met een ziel die niet te kopiëren is.”
Lessen van vier generaties
Wat Peter leerde van zijn vader, opa en de generaties voor hen, laat zich eenvoudig samenvatten, lacht hij: hard werken. “En weten welke route je wilt nemen. Dan komt het goed. Het gaat niet altijd makkelijk, soms met een klap, zoals de afgelopen periode, maar het komt goed. Altijd. Drie keer links is ook rechts.”
De toekomst? Eerst maar eens verder bouwen aan wat er nu staat, zegt hij. Wel wil hij graag meer parkeerplekken voor vrachtwagens, hij is een vurig pleitbezorger voor betere faciliteiten voor chauffeurs. Zo heeft hij gloednieuwe douches voor ze gebouwd, waar ze na lange ritten terechtkunnen. “Die jongens zorgen dat onze supermarkten gevuld zijn. Dat vergeten mensen wel eens. Je moet ze goed verzorgen.”
Of er een zesde generatie komt, weet hij nog niet. “Ik ben 48, ik ga zelf nog wel even door. Ik heb vijf kinderen. De oudste twee zijn al volwassen, maar hebben geen interesse. De andere drie zijn wat jonger, we gaan het zien. Het belangrijkste is dat er geen druk is. Mijn ouders hebben me ook nooit gepusht. Het moet uit jezelf komen, in je ziel zitten. Anders werkt het niet.”
Schrijf je gratis in voor onze nieuwsbrief en ontvang wekelijks:
- De nieuwste trends en ontwikkelingen binnen de Horeca
- Culinaire en interieur inspiratie
- Exclusieve content zoals: artikelen, interviews en ondernemersverhalen