Aan de boulevard van Egmond aan Zee ligt Bruutt: een levendige brasserie waar de dag van rustige koffiemomenten overloopt in bruisende avonden. Midden in die dynamiek staat mede-eigenaar Max Bloemen. Pas twintig jaar oud, maar al jaren actief in de horeca, waarvan de laatste vier bij Bruutt.
Tekst: Isa Huurdeman
Zijn horecaverhaal begon niet met een strak businessplan, maar met een toevallige eerste werkdag. “Ik ben er eigenlijk op mijn twaalfde ingerold”, vertelt Bloemen. “Er was iemand die niet kwam opdagen in de afwas en ze zochten een vervanger. Ik zei meteen: laat mij maar komen.”
Wat begon als helpen, groeide al snel uit tot iets groters. De horeca voelde vertrouwd. “Ik vond het vroeger altijd prachtig om bij mijn vader in de zaak te zijn.” Zijn vader Hans Bloemen had jaren lang onder meer Café de Corridor in Alkmaar. Toen hij zijn cafés verkocht, leek die wereld even te verdwijnen. “Ik was toen best wel teleurgesteld”, zegt Bloemen. “Ik dacht: ik wil dit later ook doen.” Niet veel later kwam Bruutt op hun pad. Ze gingen kijken en besloten ervoor te gaan.
Bruutt is bewust geen fine dining-restaurant. “We hebben juist gekozen om een brasserie te zijn”, legt Bloemen uit. “Je kan hier gewoon alles. Lunch, diner, borrel.” Die laagdrempeligheid is een bewuste keuze. Net als de focus. “Wij richten alles op gastvrijheid. Van het eerste tot het laatste moment.”
*Tekst gaat verder onder de foto.
Een team aansturen op die leeftijd is niet vanzelfsprekend. Zeker niet als veel collega’s ouder zijn. “Ik heb de afgelopen jaren hard gewerkt om leidinggevende te worden. Het was voor mij heel belangrijk om te bewijzen dat ik niet alleen het zoontje van de baas ben.”
Die houding bepaalt nog steeds hoe hij werkt. “Alles wat ik vraag van mijn collega's, wil ik zelf ook doen.” En misschien nog belangrijker: “Ik zie mezelf niet als iemand die het allemaal wel weet en komt vertellen. Ik blijf ook leren.”
Naast het runnen van de brasserie studeert Bloemen aan de hoge hotelschool in Leeuwarden. Dat betekent schakelen en soms kiezen. “Ik doe er langer over dan normaal”, zegt hij. “En ja, je mist soms dingen met vrienden.”
Toch voelt dat voor hem niet als een gemis. “Omdat ik het zo leuk vind, vind ik het het waard.” Wat hij ervoor terugkrijgt, is zichtbaar op de vloer. “Ik ben zo trots op wat we hebben staan. En dat gasten steeds terugkomen, dat maakt me echt gelukkig.”
Hij runt Bruutt samen met zijn vader. Volgens Bloemen is juist de combinatie van zijn vaders jarenlange horeca-ervaring en zijn eigen frisse, jonge energie wat het zo goed laat werken. “We kunnen over alles sparren en we weten één ding zeker: we willen het beste voor de zaak.” De lijn tussen familie en collega’s is dun, maar dat is volgens Bloemen juist zo tof. “We doen alles samen. Van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat.”
*Tekst gaat verder onder de foto's.
Bloemen is met zijn leeftijd van twintig jaar nog lang niet uitgeleerd. “Ik vind alles interessant.” Zijn belangrijkste les tot nu toe als horecaondernemer is eenvoudig: “Rust bewaren. En vasthouden aan je concept.”
Voor de toekomst heeft hij wel een droom. “Dat is om Bruutt ooit over te nemen. Maar ik verwacht daar niks van. Ik wil gewoon 100% geven en dan gaat het me lukken.”