Koninklijke Horeca Nederland (KHN) pleit voor een wettelijke bovengrens voor de toeristenbelasting. Volgens de brancheorganisatie lopen de tarieven in Nederlandse gemeenten, en met name in Amsterdam, zo sterk op dat dit de concurrentiepositie van Nederland als toeristische bestemming onder druk zet.
Volgens een vergelijking van KHN met populaire Europese steden kent Amsterdam momenteel de hoogste toeristenbelasting van Europa. De hoofdstad heft op dit moment een toeristenbelasting van 12,5% over de kamerprijs exclusief btw. Vanaf januari 2027 stijgt dit percentage naar 16%.
Daarnaast wil de nieuwe Amsterdamse coalitie de belasting in 2030 verhogen naar 20%. Inclusief de btw zou een toerist dan volgens KHN in totaal 41% belasting betalen over een hotelovernachting. Daarmee zou Amsterdam ruim boven steden als Barcelona, Parijs, Rome en Berlijn uitkomen. Volgens de brancheorganisatie dreigt Nederland hierdoor internationaal minder aantrekkelijk te worden als toeristische bestemming.
*Tekst gaat verder onder staafdiagram.
KHN stelt dat gemeenten de toeristenbelasting de afgelopen jaren steeds verder hebben verhoogd en verwacht niet dat deze ontwikkeling vanzelf stopt. De organisatie verwijst daarbij naar recent onderzoek van Bungalowpark Overzicht, waaruit blijkt dat de gemeentelijke toeristenbelasting de afgelopen jaren fors is gestegen. Daarom roept KHN het kabinet op een wettelijke limiet voor de toeristenbelasting in te voeren.
De brancheorganisatie wijst erop dat de oplopende belastingdruk inmiddels zichtbaar is in de hotelsector. KHN gaf eerder dit jaar al aan dat veel hoteleigenaren zich zorgen maken over de stijgende kosten voor gasten. Die zorgen worden volgens de organisatie ondersteund door recente cijfers van Rabobank, waaruit blijkt dat het aantal overnachtingen in Nederland voor het eerst in tien jaar is gedaald. KHN noemt de verhoging van het btw-tarief op logies van 9% naar 21% en de gemiddelde stijging van de toeristenbelasting met 10% in Nederlandse gemeenten in 2026 als belangrijke oorzaken.
Volgens de brancheorganisatie zou de overheid juist moeten inzetten op aantrekkelijk toerisme, omdat daarvan niet alleen de horeca profiteert, maar ook winkels, culturele instellingen, vervoerders en de overheid via belastinginkomsten.
Gemeenten bepalen zelf de hoogte van de toeristenbelasting. Er geldt momenteel geen wettelijk maximum. KHN begrijpt dat gemeenten kosten maken voor toeristische voorzieningen en maatregelen om de leefbaarheid te waarborgen. Tegelijkertijd stelt de brancheorganisatie dat de belasting steeds vaker wordt ingezet om tekorten op gemeentelijke begrotingen op te vangen of andere beleidsdoelen te financieren. Volgens KHN is dat niet het oorspronkelijke doel van de toeristenbelasting.