Nederlanders besteden een groot deel van hun vrijetijdsbudget aan uit eten en drinken. Dat blijkt uit een enquête van Rabobank onder 1.849 Nederlanders van 18 tot 80 jaar. Alleen vakanties nemen een groter deel van de uitgaven in. Naast deze bestedingen levert uit eten gaan volgens het onderzoek ook relatief veel geluk en ontspanning op.
Uit het onderzoek blijkt dat uit eten gaan een van de meest ondernomen vrijetijdsactiviteiten buitenshuis is. In totaal ging 90% van de Nederlanders het afgelopen jaar uit eten. Daarnaast zegt 28% dit elke maand of vaker te doen. Ook uit drinken gaan en langere vakanties zijn populair. Andere activiteiten, zoals attractieparken, festivals en sporten bij een sportschool, sportclub of vereniging, worden minder vaak ondernomen.
Qua uitgaven staat de lange vakantie of reis van vijf dagen of meer op de eerste plaats. Uit eten gaan volgt op de tweede plek, gevolgd door korte vakanties en uit drinken gaan. Concerten, festivals en attractieparken staan onderaan als het gaat om totale bestedingen.
Volgens Jos Klerx, sectormanager Horeca en Recreatie bij Rabobank, hangt het niveau van de uitgaven samen met de aard van de activiteit. “Vakanties zijn doorgaans grote uitgaven. En bij uit eten en drinken speelt vermoedelijk mee dat veel mensen dit regelmatig doen.”
Naast bestedingen is ook gekeken naar de mate van geluk en ontspanning die activiteiten opleveren. Vakanties staan daarbij op de eerste plaats, gevolgd door uit eten gaan. Attractieparken, concerten en zelf sporten scoren lager.
Volgens econoom Carlijn Prins van RaboResearch is er een verband tussen hoe vaak mensen een activiteit doen en hoeveel geluk en ontspanning zij eraan ontlenen. “Dit is intuïtief, want hoe leuker je iets vindt, hoe vaker je dit wil doen. Maar anderzijds: als je bepaalde activiteiten niet doet of niet kunt doen, dan leveren ze je ook letterlijk geen ontspanning en voor- of napret op.”
Jongvolwassenen ondernemen de onderzochte vrijetijdsactiviteiten vaker en ervaren daarbij meer geluk en ontspanning dan ouderen. Ouderen hebben daarentegen relatief meer waardering voor culturele uitjes. Bij 67-plussers behoort dit type uitje tot de top vier, terwijl jongeren het op de laatste plaats zetten.